Kees van Leeuwen, leerkracht groep 8b, De Wittenbergschool Scherpenzeel

‘Aardrijkskunde – zonnestelsel’ staat op de dagplanning. William zakt wat achterover. Wat zou de meester hem nog kunnen leren over dit onderwerp? Hij kent alle planeten en kan over elk wel een paar interessante feitjes vertellen. Gedachteloos wil hij het aardrijkskundeboek pakken, maar hij merkt dat die niet zijn uitgedeeld.
 
Rood: onthouden
De les begint en William merkt dat het anders gaat dan anders. De eerste opdracht die ze krijgen, is niet moeilijk. Ze moeten de betekenis van een aantal woorden opschrijven: zonnestelsel, asteroïden, baan, kometen, lichtjaar, meteoren, zonnevlekken. Als er woorden niet bij staan die je wel belangrijk vindt, mag je die er bij zetten. Snel worden de woorden overgenomen, de betekenis er achter gezet. Als de meester inventariseert welke woorden hij nog gevonden heeft, somt William de hele lijst op.
 
Oranje: begrijpen
De tweede opdracht moet in groepjes, maak een overzicht van alle planeten in ons zonnestelsel en beschrijf de belangrijkste kenmerken. Hoe bewegen ze ten opzichte van de zon? Zijn er temperatuurverschillen? Zo ja, hoe komt dat? Wat is je eigen gewicht op de verschillende planeten? Al gauw hebben ze per planeet een mooi overzicht.
 
Geel: toepassen
De meester heeft intussen alles klaargezet voor de volgende opdracht. Allerlei bakken met knutselmateriaal zijn uitgestald en de volgende opdracht luidt: maak een schaalmodel van ons zonnestelsel. Gebruik materialen van verschillende textuur om de planeten zo goed mogelijk weer te geven. De tijd vliegt, maar na een halfuurtje zijn de meeste schaalmodellen klaar. William kijkt vol trots naar het resultaat. De rotsachtige planeten hebben ze flink ruwer afgebeeld dan de gasreuzen.
 
Groen: analyseren
In de kring worden de schaalmodellen besproken. De meester vraagt naar de overeenkomsten en verschillen tussen de planeten. Dan vraagt de meester waarom veel planeten een naam hebben uit de Griekse mythologie. Hoe denk je dat ze aan deze namen zijn gekomen? William denkt eens diep na, daar had hij eigenlijk nooit over nagedacht!
 
Blauw: evalueren
Een levendig gesprek volgt en William doet vurig mee. Of er leven mogelijk zou zijn op andere planeten en wat daar dan voor nodig is.
 
Paars: creëren
Nadat alle planeten uitgebreid vergeleken zijn, volgt er nog een afsluitende opdracht: bedenk een origineel ezelsbruggetje voor de namen van de planeten in de volgorde vanaf de zon. William denkt na ….. was dat niet iets met een Japanse nachtjapon?